Samenvatting “Het nut van de lokale geloofsgemeenschap”
Open avond op dinsdag 21 april in onze kerkzaal, onder leiding van Hans Lammers
Vooral nu er zorgen over de toekomst zijn, rijst de vraag: Wat is het nut of de waarde van onze lokale geloofsgemeenschap, voor mensen binnen en buiten onze groep?
Hans Lammers liet ons eerst zelf maar eens opschrijven wat we nuttig of kostbaar vonden. Van 64 Post-it velletjes, beschreven door de aanwezigen, hadden er 46 betrekking op aandacht en steun, betrokkenheid op elkaar, er zijn voor de ander en gastvrijheid. Kortom, wat mensen het belangrijkst vinden aan hun kerk, gaat voor 70% over de kwaliteit van de relatie met de medemens die op je pad komt. Verder vond men spiritualiteit belangrijk, het samen zoeken naar inspiratie en de kerk als leerhuis.
Het gaat hier dus om wat de mensen zelf belangrijk vinden. Je kunt daarnaast ook de theologische invalshoek kiezen en je afvragen: Hoe zou God willen dat een gemeenschap is?
De maatschappij is veranderd, het leven is gefragmenteerd geraakt. Mensen zijn geïndividualiseerd, worden niet meer gezien als onderdeel van een groep en beslissen meer zelf over alle aspecten van hun leven. Instituties hebben aan autoriteit ingeboet. Dat brengt een behoefte aan uitwisselen van meningen, samen zoeken naar richting en het duiden van persoonlijke ervaringen. Dat geldt ook voor geloven. Het evangelie is niet langer een bron voor vaststaande morele richtlijnen, maar wordt een spiegel waarin betekenis gevonden kan worden voor het eigen levensverhaal. Mensen zoeken persoonlijke ontmoeting met God in ervaringen van erkenning, van inspiratie, van troost, van hoop en blijdschap en van solidariteit met anderen.
Jan Hendriks, deskundige in gemeenschapsopbouw, stelt dat de ideale geloofsgemeenschap ruimte biedt voor de omgang met God, de omgang met elkaar en de dienstbaarheid aan de samenleving. Geboden ruimte leidt tot openheid en ontvankelijkheid. Omgaan met elkaar en dienstbaarheid houdt een wederkerigheid in, een relatie met een zekere vertrouwdheid. En in die omgang met elkaar, binnen en buiten de geloofsgemeenschap, komt de Eeuwige aan het licht; in het breken van het brood, in de verhalen die verteld worden en ons hart doen branden, in de troost die we ervaren.
Hans Lammers gebruikt voor de ideale geloofsgemeenschap graag het beeld van de oase. Mensen onderweg, soms onder barre omstandigheden, vinden er even rust en beschutting, kunnen even bijtanken uit een bron die verfrist en wezenlijk is voor leven. Het is een plek waar je anderen ontmoet die net als jij onderweg zijn, mensen uit jouw karavaan, maar ook onbekenden. Er kunnen ervaringen worden uitgewisseld. Net als een geloofsgemeenschap is de oase lokaal, langs een route die mensen kennen en waar ze regelmatig gebruik van maken.
Een gemeenschap draait om de kwaliteit van de onderlinge relaties. Mensen moeten elkaar kennen, iets met elkaar delen. Daar horen ook contacten bij buiten het kerkgebouw, op straat, in de supermarkt, langs de lijn bij het voetbal, etc.. Het lokale karakter van een geloofsgemeenschap is daarom van groot belang. Kleinschaligheid bevordert daarbij een klimaat van vertrouwdheid en veiligheid. Terecht zegt Leo Fijen in “Het wonder van Maartensdijk”: Veel van wat er van boven af bedacht wordt rond fusies en regionale spreiding van vieringen, gaat voorbij aan de meest wezenlijke voorwaarde tot geloven in de parochie: de gemeenschap wil de verbondenheid met elkaar en met God zichtbaar maken en vieren in de buurt of het dorp waar gewoond, geleefd en geliefd wordt.
Over het maatschappelijk nut van een lokale geloofsgemeenschap lezen we in “Evangelii Gaudium” van paus Franciscus dat iedere christen en iedere gemeenschap wordt geroepen instrument van God te zijn voor de bevrijding en de ontwikkeling van behoeftige medemensen, opdat zij volledig in de samenleving kunnen meedoen. We moeten welwillend en oplettend luisteren naar hulpvragen van mensen die op ons pad komen. Inderdaad blijken ook in Bennekom veel kerkelijk betrokkenen aan allerlei vrijwilligerswerk te doen. Het ontbreekt in de gemeenschap MVR niet aan diaconie, aan de inzet voor de medemens in de knel; er gebeuren hier veel dingen die heel kostbaar zijn en waar mensen terecht trots op zijn en voldoening aan ontlenen. Zo’n gemeenschap is waardevol en heeft – zeker vandaag de dag – recht van bestaan.
Samengevat door Laurens Beerepoot
De volledige tekst van de voordracht is te vinden op: http://bit.ly/1KLywEh